Afscheid van Jona

‘Wil jij eigenlijk volgauto’s?’ We zijn bijna klaar met eten en ik gooi deze misselijkmakende vraag er toch maar eens in. Sebas denkt even na en antwoordt even later: ‘Ja, denk wel dat ik dat wil’.


‘Oh.. ik eigenlijk niet’

‘Ja, maar je hebt sowieso de auto met de kist, dus vind het dan wel mooi om dan volgauto’s te hebben’

‘Ja, maar ik wil geen echte rouwauto. Het ligt er aan hoe groot de kist is, maar zou hem het liefst in onze eigen auto meenemen.’
‘Kan dat dan?’

‘Tuurlijk, als ik dat wil, dan kan dat.’

Toch wellen er tranen op in mijn ogen, ondanks dat ik er nog wel zo objectief mogelijk over praat. Ik ben me té bewust van het feit dat we het hier over de begrafenis van onze eigen zoon hebben, die nietsvermoedend boven in z’n bedje ligt te slapen. Het voelt als verraad.

‘Moet ik toch huilen’, zeg ik tegen Sebas, terwijl ik de tranen van m’n wangen veeg, ‘maar ik wil gewoon niet dat iemand anders hem naar de begraafplaats brengt, dat wil ik zelf doen’.
Net zoals alles wat we in zijn leven allemaal zelf hebben gedaan, wil ik dit ook samen doen. Wij brengen onze zoon naar zijn laatste rustplaats, niemand anders.

Hierboven lees je een gesprek wat Sebas en ik maanden geleden hadden, nog voordat Jona’s overlijden überhaupt aan de orde was. Natuurlijk heb je het met een reden over dit soort onderwerpen, want écht goed ging het natuurlijk nooit met Jona, maar we zaten in een relatief rustige periode.

 

En toch bespraken we het allemaal. Welke tekst er bij de rouwadvertentie moest komen, welke mensen een rouwkaart zouden krijgen, hoe de kaart er überhaupt uit zou komen te zien, welke begrafenisonderneming we zouden bellen als het zo ver zou zijn.

 

Stukje bij beetje maakten we een plan. We moesten ons ertoe zetten om erover na te denken en ik ben geen enkel gesprek zonder tranen doorgekomen. Het deed zeer om er over na te denken, maar ik wist dat het ook een bepaalde rust zou geven dat we bepaalde dingen al uitgedacht hadden en niet meer hoefden te bespreken als de tijd kwam dat we het nodig hadden.

Alle wensen die we hadden, zouden gerealiseerd worden. Het is zo belangrijk dat alles rondom het afscheid nemen zou gaan zoals wij dat wilden, het gaat om ons kind en onze emoties. Wij moesten afscheid kunnen nemen zoals wij dat wilden, omdat wij het ons hele leven mee moeten dragen.

 

Iedereen heeft z’n emoties, familie, vrienden, andere mensen die dichtbij staan. Maar niemand van deze mensen zou de leegte kennen, zoals wij die kennen. Jona was ons leven, onze levens waren ingericht op hem, ons huis was ingericht op hem. Hij was altijd dichtbij mij, zelfs ‘s nachts. Niemand anders dan wij voelen de leegte in de nacht, in de ochtend nu het bedje wat naast ons bed staat leeg is. De kamer vult zich niet meer met gekraai of het huilen van een kind. Dat is een leegte die niemand anders voelen zal. Niemand anders stond zo dichtbij hem, zoals wij stonden. Een bijzondere taak die we hadden in zijn leven, maar ook een verdrietige, omdat het een leven was met de wetenschap dat er ook een einde zou komen aan deze taak.

 

En we wilden voorbereid zijn, zodat wij goed terug zouden kunnen kijken op het afscheid.

Het moest zijn zoals wij het wilden. Zo wilde ik pertinent geen standaard rouwkaart met een dikke zwarte rand. Ik wilde iets persoonlijks, iets moois mét een foto. We kwamen uit bij Leny, van studio Lenieke. Zij ontwerpt onder andere rouwkaartjes en heeft er echt gevoel voor. Wij waren er nog niet aan toe gekomen van tevoren onze wensen voor het ontwerp te realiseren, maar de ochtend dat Jona overleed, is Leny direct aan de gang gegaan met het ontwerp en einde van de ochtend was het klaar. Helemaal naar onze zin. Diezelfde avond ging het nog op de post en het was de andere dag al bij de geadresseerden.

Wat voor mij ook heel belangrijk was, is dat er iemand zou zijn die ons zou helpen bij wie we ons op ons gemak zouden voelen. De begrafenisondernemer. Via via hoorde ik over goede ervaringen met Noah uitvaart- en rouwbegeleiding en maakten de keuze om hen op te bellen toen Jona overleden was. Een betere keuze hadden we niet kunnen maken. Sophie en Harco hebben heel veel voor ons gedaan. Het is natuurlijk hun werk, maar het was ook heel erg fijn dat we ons op ons gemak voelden en dat we bepaalde dingen met het volste vertrouwen aan hun over konden laten. Niets was te gek of te veel gevraagd.

 

Sophie is die week het meeste bij ons geweest en het was een beetje alsof ze m’n moeder was, iemand die aanvoelde wat ik nodig had en ook wanneer ik het even niet nodig had. Sommige mensen hebben gewoon echt het goede vak gekozen en dat durf ik wel te zeggen over Sophie en Harco.

Niets was ook te veel. Ik wilde bijvoorbeeld geen koelplaat in huis. Ik kon me nog herinneren wat voor vervelend geluid ik dat vond toen mijn opa en oma overleden waren. Jona zou bij ons in huis blijven, dat was sowieso al geen vraag voor mij, maar ik ging niet een hele week lang luisteren naar dat vervelende geluid van die koelplaat.

 

Geen moeite voor Sophie, ze kwam gewoon 4 keer op een dag om koelelementen te wisselen. Ze nam een stapel goede mee van thuis en legde die bij ons in de vriezer. Overdag deden zij en ik de wisselmomenten vaak samen, dan nam ik Jona op schoot en dan kon zij de koelelementen netjes wisselen en daarna weer het hoeslakentje er overheen leggen, zodat niemand er iets van zien zou. Vroeg in de ochtend en laat in de avond, als wij op bed lagen, deed ze het alleen. Ze had de sleutel en kwam zelf binnen en ging na het wisselen weer weg.

Wat ook een hele onderneming voor hen is geweest, is het kistje regelen. Je zult denken: daar hebben zij toch hun vaste connecties voor?

 

Jazeker, alleen was er niets, maar dan ook niets wat aan onze wensen voldeed. Nu klinken we als hele moeilijke, veeleisende mensen, maar dat zijn we ook weer niet. We wilden een houten, ovalen kistje. Niets meer, maar ook zeker niets minder. Maar dat was er niet. Sterker nog: de keuze in die maat kistjes was heel beperkt. De standaard rechthoekige kistjes waren er in meerdere kleuren. Houtkleurig, maar ook roze, blauw of geel. Niet wat wij wilden. Daarmee viel eigenlijk al meer dan de helft van de keuze af.

 

En dan is er een bedje als kistje, met als hoofdboord een kroon, dat was al helemaal niet wat we wilden.

 

De laatste optie was een rieten mandje. Ovaal, check. We kozen een mooi rietsoort uit en dat zou dan ook goed zijn. Nu bleek er in de maat die er voor Jona moest komen maar één optie rietsoort te zijn. En je raadt het al: dat was niet het rietsoort wat wij gekozen hadden. Sterker nog: we noemden het oneerbiedig ‘kringloopriet’, omdat we het riet vonden wat zo bij opa of oma in de woonkamer gestaan kon hebben. Viel dus ook af.

 

En toen bleek onze wens toch erg lastig te zijn. Of beter gezegd: niet te realiseren.

 

Harco benaderde bedrijven die houten, ovalen volwassenkisten in het assortiment hebben, Engelse bedrijven, maar niemand die een houten, ovalen kinderkistje kon realiseren.

Nu denk je misschien: waarom is dat dan zó belangrijk? Je kunt het nu namelijk niet meer zien.

 

Dat klopt. Maar het is wel het laatste beeld wat wij hebben van Jona. Wij hebben Jona daarin gelegd, wij hebben hem daarin gedragen naar zijn laatste rustplaats. We wilden hem niet wegbrengen in iets wat we niet mooi vonden en we waren allebei ook niet in staat om concessies te doen. Dit is wat we allebei wilden en beide hebben we geen genoegen willen nemen met iets anders.

 

Maar toen was het probleem nog niet opgelost.

Sebas dacht aan zijn neefje, die meubelmaker is en heeft hem gebeld met het idee: nee heb ik, ja kan ik krijgen. Zonder twijfel kregen we een ja. Hij zou dit gaan realiseren voor ons.

 

Wauw. Dit was echt heel bijzonder, hiermee werd het niet zomaar een kistje, maar een kistje met een verhaal. De hele zaterdag en de hele Pinkerstermaandag werkte hij eraan, omdat we het die maandagavond moesten hebben. Het resultaat was precies zoals wij het in ons hoofd hadden. Precies.

 

Geen provisorisch in elkaar getimmerd kistje, nee, vakwerk. Voor ons is hij sowieso de nummer één meubelmaker van Nederland, maar hij is het ook nog eens écht.

 

We zijn hem enorm dankbaar dat hij voor ons gerealiseerd heeft wat niemand anders kon realiseren. Wij konden Jona wegbrengen in het houten, ovalen kistje.

We hadden in deze week ook te maken met condoleancemomenten. Dit ging allemaal net iets anders dan anders vanwege corona, maar voor ons is het op deze manier goed geweest. Er waren drie condoleancemomenten, waarbij familie, vrienden, collega’s en hulpverleners de mogelijkheid hadden om ons te condoleren.

 

We hadden de keuze gemaakt om tijdens deze momenten Jona in zijn bedje boven neer te leggen. Ik vind kijken bij de overledene soms net een poppenkast en zeker met een kindje wat overleden is, is dat iets wat ik absoluut niet wilde. En nu was het natuurlijk zelfs nog zo dat niet Jan en alleman langs kwam om ons te condoleren, wat normaal gesproken wel mogelijk is, maar toch wilden we het niet.

 

Onze ouders, broers/zwagers, (schoon)zussen en de PGB’ers namen afscheid van Jona. We wilden dat anderen hem herinnerden zoals hij was.

En toen brak de dag van de begrafenis aan. Woensdag 3 juni. De dag ervoor hebben wij Jona in het kistje gelegd en de woensdagochtend van 3 juni hebben we samen voor het laatst Jona gezien, hem een kus gegeven en het kistje dicht gemaakt.

 

Het besef dat we hem dat moment voor het laatst zagen was moeilijk. Maar onze Jona was nu in de hemel en vandaag zouden we zijn lichaam begraven.

 

We droegen hem samen met mijn broer en Sebas zijn zus voor de laatste keer het huis uit en legden hem in onze auto, zoals ik dat zo graag wilde.

 

De rouwdienst was mooi. Heel mooi. Er mochten slechts 30 mensen aanwezig zijn, maar het was goed. Meer dan 80.000 mensen hebben via YouTube meegeluisterd en meegekeken met deze rouwdienst.

 

Ik sprak voor in de kerk een in memoriam. Ik heb mogen vertellen over hoe mooi Jona ons leven maakte en over wat voor bijzonder kind God aan ons gegeven heeft.
Daarna preekte de dominee over de jongeling van Naïn, heel mooi en heel persoonlijk.

 

Daarna droegen we Jona de kerk uit en brachten we hem naar zijn laatste rustplaats. Op onze schouders droegen we hem naar het plekje met mooie bomen. Een plekje waar de vogeltjes fluiten en de zon door de blaadjes van de bomen heen kiert en de wind diezelfde blaadjes meeneemt in haar dans.

 

Een plekje dat voor ons belangrijk is, waar we naartoe kunnen en wat we kunnen verzorgen.

Onze keuzes. Ze maken, samen met alle mensen die om ons heen hebben gestaan en ons geholpen hebben, dat wij goed terug kunnen kijken en dat we geen spijt hoeven hebben van wat we wel en niet hebben gedaan.

Om deze blog af te sluiten wil ik een van de laatste regels uit het in memoriam gebruiken, om te laten zien hoe gezegend we zijn met deze herinneringen van onschatbare waarde. Dit jongetje is niet voor niets hier op aarde geweest. God kiest het zwakke om het sterke te beschamen.

‘Laten we lachen, laten we genieten van het kleine. Het waaien van de wind, het schijnen van de zon, het krijgen van een kus, het zingen van een lied. De kleine dingen, waar Jona zo van genoot. Laten we hem in dat soort momenten herinneren. Hoe zorgvol zijn leven ook was, hij was altijd in staat om te lachen.’

 

 

 

Deel dit verhaal op sociale media

tekst: Mathilde de Rooij

Over Terdege

Terdege is een reformatorisch familiemagazine dat wil inspireren, bezinnen en verrassen.

Abonneevoordeel

Maak gebruik van de mooie voordelen die we speciaal voor jou als abonnee hebben uitgezocht.