Vicaris

Deze maanden heb ik een vicaris, een leerling. Hij moet leren. Ik ook.We blijven levenslang discipel. Maar goed, mijn vicaris moet leren van mij. Hij leert  twee dingen: hoe het niet moet en hoe het wel moet. Welke leermomenten er meer zijn, mag hij uitvinden.

Ondertussen heeft hij twee keer gepreekt, waarna we samen de preek bespraken. Zijn tweede preek ging over Psalm 84:12-13: „De Heere zal het goede niet  onthouden (niet weigeren) aan degenen die in oprechtheid wandelen. Heere der heerscharen, welgelukzalig is de mens, die op U vertrouwt.”
Ik heb zijn preek gehoord in de kerkdienst, toen ik onder zijn gehoor zat; en ik heb de preek nageluisterd, om die met hem te bespreken. En al luisterend  vallen dan heel wat dingen op. Dingen die verkeerd zijn of beter kunnen; en waarvan ik tot mijn schrik weer eens besefte dat ik ze net zo vaak of nog vaker  verkeerd doe... Wat is het waar wat mijn vicaris na de bespreking opmerkte: „Preken... ik kan het niet doen en ik kan het niet laten!”
Wat doet een vicaris nog meer? Hij is aanwezig bij mijn catechisatielessen en gaat mee met bezoekwerk, zowel bij kerkelijk meelevenden als bij ongeïnteresseerden; zowel bij blijde als bij verdrietige mensen. Wat een variatie van ervaringen. Ook legt hij zelfstandig bezoeken af. Pas woonde hij een kerkenraadsvergadering bij en zag en hoorde daar wat achter de schermen van het kerkelijke leven in de hersteld hervormde gemeente van Elspeet gebeurt – en hoe de onderlinge verhoudingen in de kerkenraad zijn.
Zo dient hij kennis te maken met alle kanten van het predikantsleven. En zo komt hij er bij ervaring achter hoeveel je in je mars moet hebben om catechisatie te geven, om leiding te geven, om mensen bij te staan. Schreef ik ”in je mars hebben”? Zo is het natuurlijk net niet. Het gaat over afhankelijk zijn. Het gaat over de weg tot de Troon weten, en om onder de leiding van de Heilige Geest te drinken van de Bron, Gods Woord.
We houden natuurlijk ook evaluatiegesprekken, over wat er goed en wat er niet goed ging. Waaraan hij moet werken, wat hij kan verbeteren. Ook dient hij mij  van kritiek over hoe hij mijn optreden ervaart. Best leerzaam, zo’n vicaris. Het doet mij weer denken aan mijn eigen leervicariaat, 39 jaar geleden, bij ds.  J. Catsburg in Garderen.  Wat mocht ik als 23-jarige veel leren in die tijd. Wanneer mijn vicaris op pad gaat om iemand te bezoeken, zeg ik maar (wat ik ook mezelf steeds weer voorhoud): „Liefde toegewenst!” Dat is immers een onzegbaar belangrijk bestanddeel van heel het werk: mensen tot Jezus leiden. 
Liefde voor zielen. En meer nog: liefde voor Jezus en Zijn Koninkrijk, zoals Wilhelmus à Brakel het in zijn ”Redelijke godsdienst” schrijft.

Elspeet,
Ds. W. Pieters

Deel dit verhaal op sociale media

Over Terdege

Terdege is een reformatorisch familiemagazine dat wil inspireren, bezinnen en verrassen.

Abonneevoordeel

Maak gebruik van de mooie voordelen die we speciaal voor jou als abonnee hebben uitgezocht.