Niet meer dat begrip. Niet meer die liefde, zoals alleen John die gaf. Niet meer die armen om je heen. Dat is iets wat misschien ook wel belangrijk is om te noemen. Wat was dat ontzettend zwaar, vooral die eerste dagen. Wat had ik het nodig dat iemand me in de armen nam, me vasthield. Juist toen ’t felst verdriet me trof. Maar dat was er niet meer, John was weg. En ik wist het: de beste Trooster is de Heere. Wat sprak Zijn Woord toen tot me. Het sprak, zoals het nooit eerder gesproken had. Waarom schrijf ik dit allemaal? Waarom schrijf ik blogs? Niet omdat het gemakkelijk is om over jezelf te praten en open te zijn. Helemaal niet. Maar ik hoop van harte dat ik, hoe gering ook, een getuige mag zijn. Ik voel me hierin vaak tekort schieten. Toch hoop ik dat mijn woorden anderen helpen. Zo schreef een rouwende eens: ,,Ga alsjeblieft door. Jij geeft woorden aan dat waar ik nog geen woorden voor heb.” Het hielp haar. En dat is mijn gebed: dat mijn schrijven mag helpen. Dat het inzicht geeft in wat rouw is: voor wie zelf rouwt, en voor wie naast een rouwende staat. Iedereen rouwt anders en toch zijn er overeenkomsten. Een lotgenoot zei pas: ..Het is misschien minder frequent, maar de pijn lijkt alleen maar intenser te worden.” Dat herkende ik volledig. Even terug naar die verdrietige, het-er-niet-mee-eens-kunnen-zijn-gedachten. Ik ontmoette een van Johns broers met zijn vrouw. Natuurlijk is dat een trigger. Je ziet overeenkomsten. Drie avonden ging ik te laat naar bed. Veel te moe werd ik wakker. En opeens is het te veel. Mag ik een tip geven aan jou, lieve rouwende? Zorg alsjeblieft goed voor jezelf. Je hebt al zo veel mee te torsen. Daardoor ben je extra moe. Nachtrust is essentieel om iedere dag weer je kruis op te kunnen nemen. :::author_streamer 1::: En voor wie geldt dat niet? Nee, verdrinken in zelfmedelijden is zeker geen optie. Ieder huis heeft zijn kruis en ieder hart zijn smart. Verdriet en rouw, het kan er op zo veel verschillende manieren zijn. Na een goede nachtrust kun je alles zomaar opeens weer beter in proportie zien. De ontelbare zegeningen die de Heere ons nog gelaten heeft. En alles begrijpen …? Dat hoeft niet. Maar stil berusten in het feit dat Vader weet wat goed is, dat is zo’n zegen. Zomaar een kort gebed: ‘Heere, help mij’ en alles in Zijn handen te leggen. Op te zien naar Hem en te geloven: Hij is, al treft u ’t felst verdriet, Uw Wachter, die uw voet Voor wankelen behoedt; Wat een troost ligt er in die woorden. Hij zal onze voet voor wankelen behoeden. Want als die akelige, ongewenste gedachten opkomen, mogen we ons ook best afvragen waar ze vandaan komen. Zeker is het dat we ons moeten wapenen. We moeten het schild des geloofs opnemen en het zwaard, dat is Zijn Woord. In Efeze 6 vers 16 staat het zo mooi: „Bovenal aangenomen hebbende het schild des geloofs, met hetwelk gij al de vurige pijlen des bozen zult kunnen uitblussen.” Ons wapenen met Zijn Woord: „Er staat geschreven”, zo zei de Heere Zelf. Er kan een angst zijn om niet staande te blijven. Je geloof te verliezen. En dat zou ook zeker gebeuren als het aan ons lag. Niets uit ons, maar alles uit Hem. Zo reist het volk naar ’t hemels Jeruzalem. Daar zullen alle tranen van hun ogen afgewist worden. Geen rouw, geen strijd. Gisteren zei de dominee het nog. Daar zal geen contact met de zonde meer zijn. Zo was het ook bij Rev Donald Ross, een trouwe knecht in de Free Presbyterian Church. Hoewel hij al op leeftijd was, bleef hij preken. Plotseling kwam onlangs het einde. Verlost van alle strijd. De Heere haalde hem Thuis. Wij moeten verder reizen zonder hen. Maar mogen zien op Hem: Hij, Israëls Wachter, sluimert niet; Geen kwaad zal u genaken; De HEER’ zal u bewaken.