Ruim zeven jaar ging het vanzelf. Op de meest onverwachte momenten, tijdens het veterstrikken, het uien pellen of het stofzuigen popten er columns op in mijn hoofd. Maar nu opeens niet meer. Ik heb wel ideeën over het buitenlandbeleid van Zimbabwe, hoe we netcongestie kunnen oplossen of hoe we het hoofd koel houden in turbulente tijden, maar dat valt een beetje buiten de scoop van het tekstje dat ik geacht word te typen. Dat moet vooral over futiliteiten gaan. Zodat de eenvoudige lezer erin kan meekomen. De lezer die tandenpoetst, veters strikt, eten kookt, dat soort werk... Maar ja, over dat alles heb ik –soms meermaals– geschreven. „Na zeven vette jaren zijn de magere aangebroken”, mail ik Terdegebaas Gisette. „Ik stop.” Maar zo makkelijk bleek dat niet te zijn. Op een koude edoch zonnige dinsdagochtend belde een anoniem nummer me wakker. Het was niemand minder dan de bladbaas. Met een loepzuivere loftrompet die –vrij vertaald, maar zeker niet overdreven– ongeveer zo klonk: een columnist van mijn kaliber, met mijn schrijfkwaliteiten en ongekende humor, die vindt zelfs een Terdege niet zomaar. „Zo iemand wordt misschien maar eens in de eeuw geboren”, moest ik grif beamen. Toen zat ik klem. Of ik toch niet nog een paar columns zou willen schrijven om wat tijd te kopen voor de zoektocht, luidde de vraag. :::author_streamer 1::: Edelmoedig gaf ik toe. Ik snapte de nood. Zie maar eens iemand te vinden die een columnist als ondergetekende kan evenaren. Zo iemand zal altijd in de schaduw van mijn zelfvertrouwen staan. Zonder gekheid: het waren zeven kleurrijke jaren. Wat me het meest heeft verbaasd, is hoeveel Terdegelezers er rondlopen in dit land. En hoe goed deze mensen je herkennen van een fotootje. Het was altijd weer genieten als een wildvreemde Biblebelter begon met ik-ken-jou-volgens-mij-ergens-van. Liefst reageerde ik dan met een ja-ik-u-ook-volgens-mij, om vervolgens te vragen of deze persoon ook polsstoksprong, modellenwerk deed voor de Wehkamp of familie had in Namibië. „Het is leuk als je er met een knaller van een column uitgaat”, had de baas nog gezegd. Dus vergeef mij mijn allerlaatste flauwe grap op deze plek. BOEM! _Arien van Ginkel is vader van vier kinderen, onder wie een tweeling, en werkzaam als mediastrateeg._