## Lezen: Spreuken 6:1-8 Boaz respecteert de verdeling van verantwoordelijkheden op de werkvloer. Hij stapt niet rond als de grote baas, die lak heeft aan de onderlinge gezagsverhoudingen. Nee, eerst informeert hij bij de leidinggevende naar het wel en wee op de werkvloer. Respect tonen voor een ondergeschikte die verantwoordelijk is voor de gang van zaken op de werkvloer, is een blijk van erkenning en waardering. Ondertussen kent Boaz zijn mensen. Daardoor valt de voor hem onbekende vrouw direct op. Hij heeft haar nog nooit gezien (5). Die onbekende vrouw is „de Moabitische jonge vrouw, die met Naomi is wedergekomen uit de velden van Moab”, zo deelt de leidinggevende hem mee (6). Let op de opbouw van zijn mededeling: tweemaal valt de naam Moab; aan het begin en aan het slot van de mededeling. Ruths afkomst wordt dus onderstreept. Tussen de naam Moab ingeklemd staat: „die met Naomi is wedergekeerd.” Deze ene zin vat heel Ruths leven samen. Afkomstig uit Moab en naar Bethlehem gekomen. We missen een belangrijk feit, namelijk haar roepnaam. Weet het personeel dan niet hoe deze jonge, Moabitische vrouw heet? Natuurlijk wel! Maar als het erop aankomt, telt niet hoe je heet, maar wie je bent. Niet je naam, maar je levenshouding bepaalt voor God en onder de mensen je identiteit. Dit is ze dus: een Moabitische vrouw die naar Bethlehem is gekomen. Die levenskeus bepaalt haar identiteit en daarmee haar handel en wandel in het dagelijkse leven. Vanaf de vroege ochtend is ze druk in de weer met aren rapen. Op de plaats waar God haar heeft gebracht, oefent Ruth ijverig haar roeping uit. God verfoeit luiheid, en verwijst luiaards naar de mieren. Dit moment doet me denken aan een voorval. Een godvrezende heer van een groot landgoed vertelde op een avond aan zijn vrouw dat een van de personeelsleden tot bekering was gekomen. Op de verbaasde reactie van zijn echtgenote hoe hij dat wist, antwoordde hij: „Sinds kort maakt ze ook de vloer onder de kast schoon.” In het dagelijkse leven is bekering niet zo moeilijk. Stelling: Een christen is een dienaar van zijn naaste, maar zijn God is zijn Meester.