Een veehouder belt tijdens diensten namelijk alleen als hij er echt zelf niet uitkomt. Gewone koeien bevallen gewoon zelf, soms helpt de boer een handje en dan komt een kalf alsnog op natuurlijke wijze ter wereld. Als de bevalling bij een gewone koe niet vlot, is er dus iets ongewoons aan de hand. Een tweeling misschien? Een kalf dat achterstevoren ligt? Normaal gesproken komen eerst de voorpootjes naar buiten, met daarop de snoet van het kalf. Maar soms liggen de kop of een van de poten er niet recht voor en moet ik die er met de hand bij halen. Je moet een aardig voorstellingsvermogen hebben bij wat er zich binnen de koe afspeelt. Ik doe dat zonder echo, met gewoon mijn arm ver in de baarmoeder van het dier. Vaak schiet dan het Gentse examenrijtje nog door m’n hoofd: „Verwondingen? Ontsluiting? Ligging? Leven? Kan het eruit?” Deze week komt er op een nacht een oproep vanuit een natuurgebied aan de Maas. Een koe is voor de eigenaar onverwacht aan het kalven en er is alleen een kop zichtbaar. Bij aankomst vertelt m’n neus meteen een belangrijk deel van het verhaal. Een kalf dat al enkele dagen dood is, terwijl de baarmoeder open is, verspreidt een vreselijke geur. Dit kalf blijkt veel te groot en de koe veel te nauw om te verlossen. Zelfs voor de draadzaag is er te weinig ruimte in de baarmoeder. :::author_streamer 1::: Samen met de eigenaar besluit ik tot een liggende keizersnee, overigens na de risico’s goed besproken te hebben. De inhoud van de baarmoeder zit bij een dergelijk geval namelijk boordevol bacteriën, die niet in de buik of in de wond mogen komen. Met jerrycans vol water en een lamp in de boom verloopt de operatie naar tevredenheid. Na de nodige antibiotica en adviezen hoop ik vervolgens op een goede afloop. De foto’s van een grazende koe, die me de volgende dag via WhattsApp bereikten, geven in elk geval goede moed!