De heren aan de zaak vonden het niet meer verantwoord dat deze mevrouw ’s nachts in haar eentje op pad ging om polshoogte te nemen. Veel te gevaarlijk en noem maar op, zo’n vrouw alleen, dus zijn het nu de collega’s die in geval van een dergelijke melding in actie moeten komen. Echter, de houten honkbalknuppel staat nog steeds getrouw naast Antjes bed, als een soort waakzaam oog om eventueel gespuis af te schrikken. En zo was het onlangs dat er niet gebeld werd door de alarmcentrale, maar dat Antje gewekt werd door een enorm kabaal op de bovenverdieping. Met de knuppel in haar hand stormde ze naar boven en daar ontdekte ze een hysterische zoon. >De zoon sloeg met een handdoek wild in het rond Wat bleek? Omdat het nog een van de laatste warme nachten van het jaar was, had zoonlief zijn raam wagenwijd opengedaan. En een arme mus die dacht een fijn nachtelijk onderkomen te hebben gevonden, was neergestreken in zijn slaapkamer. De zoon sloeg met een handdoek wild in het rond, maar het beestje wist telkens te ontkomen, totdat hij helemaal onder het bed in een uiterste hoek weggedoken bleef zitten. „Ga jij maar naar de logeerkamer!” zei moeders, „en dan laat ik het raam helemaal openstaan en doe de deur dicht, misschien vliegt hij er dan wel uit.” Zogezegd, zo gedaan, de zoon in kwestie droop af naar de logeerkamer en Antje strompelde de trap af terug naar haar eigen kamer. Met een zucht gleed ze tussen de lakens, maar ze kon de slaap niet meer vatten. De klok sloeg vier keer, de klok sloeg vijf en vervolgens zes keer. Moe, maar met een vol hoofd, ging ze naar de keuken om een bak thee te zetten. >Het is inderdaad veel te gevaarlijk om deze mevrouw ’s nachts alleen op een inbreker af te sturen Terwijl het water begon te koken, dacht ze boven weer wat te horen. Dit keer zonder honkbalknuppel liep ze opnieuw de trap op, opende de slaapkamerdeur en keek voorzichtig naar binnen. Geen mus te zien. Ze keek onder het bed. Ook niets. Maar daar, op de hoek van het bureau, zat hij. Brutaal keek hij haar aan, alsof híj hier de hypotheek betaalde. En terwijl Antje nadacht of ze hem weg ging jagen of de deur weer achter haar dicht zou doen, vloog het beest vliegensvlug in een rechte streep het raam uit. Antje strompelde weer naar beneden en schonk haar thee in. En zo bleek maar weer dat de heren aan de zaak gelijk hadden: het is inderdaad veel te gevaarlijk om deze mevrouw ’s nachts alleen op een inbreker af te sturen. Voor de inbreker dan.