Ik zit met een biertje in m’n hand op het strand en kijk naar twee kinderen in een kuil. Hun vader wil ze op de foto zetten. Lief glimlachend. Zoals het hoort. Maar zij hebben maling aan perfecte plaatjes. Het meisje steekt haar tong uit. Haar broertje knijpt zijn ogen dicht. „Ah toe nou, jongens”, zegt de vader. Maar ze laten zich niet vermurwen. Dus grijpt hij naar zijn laatste machtsmiddel. „Oké, dan gaan we. Nu.” Rare wereld, denk ik. :::author_streamer 1::: Honderden foto’s schieten we tijdens onze vakantie. We maken ze om onze herinneringen te voorzien van beeld. Maar misschien nog wel meer om ze te delen met de buitenwereld. Dus ensceneren we. Omdat het plaatje er dan nog aangenamer uitziet. En omdat ons telefoongeheugen schier oneindig is, klikken we voor de zekerheid vijf keer. Zodat je kunt kiezen tussen mooi, heel mooi en het allermooist. Nee, dan vroeger. Toen fotorolletjes nog de dienst uitmaakten. Een stuk of dertig foto’s had je en dat was het. Op vakantie in Zwitserland kreeg ik als klein jochie een wegwerpcamera. Niet een besneeuwde bergtop, maar het zwembad bij het huisje maakte de grootste indruk. Dus gingen daaraan de meeste foto’s op. De helft van de plaatjes bleek achteraf trouwens mislukt te zijn. Maar dat maakte eigenlijk niet uit. Het schieten van de foto en de spanning van het lange wachten waren toch het leukst. Tegenwoordig is het eerder omgedraaid. Foto’s overstijgen de werkelijkheid. Iedereen op z’n mooist en leukst. Dat is steeds meer het doel. Dat je eigenlijk anderhalve week moest loskomen van je werk, ziet niemand aan de foto’s af. En die vakantieruzie is ook nergens in je galerij terug te vinden. Bovendien schieten we zo veel plaatjes dat de drempel te hoog wordt om ooit aan een fotoboek te beginnen. Terabytes aan afbeeldingen staan op onze computers. Gemaakt, geüpload en onbekeken. Met de intentie om er iets mee te doen. Ooit. De mooiste vakantie-ervaringen zijn echter niet te vangen in foto’s. Omdat het herinneringen zijn aan momenten waarop je domweg gelukkig was. Aan zwemmen bij zonsondergang in een koude zee, een fijn gesprek tijdens een regenachtige wandeling. Opgeslagen. In het geheugen van je brein.