## Lezen: Psalm 94 Doodsbang zijn Jezus’ discipelen. Bedenk dat dit gebeurt in een tijd waarin mensen oog hebben voor geesten en duistere machten. Die wereld is reëel, ook nu. Dat wij –moderne Westerse mensen– die wereld niet zien, is een van onze geestelijke beperkingen. Daarom onderschatten we de duistere machten. Laten we niet luchtig praten over de doodsangst van deze stoere vissermannen. Plotseling horen ze door het gebulder van de storm en het gebruis van de golven heen een stem die ze herkennen. Hun Meester roept hen toe: „Zijt goedsmoeds! Ik ben het, vrees niet!” Let u even op de woordvolgorde? De woorden ”Ik ben het” staan in het midden. Jezus zet zichzelf centraal. Daarom kan een doodsbang iemand moed krijgen en hoeft hij niet meer bang te zijn. Let er ook op hoe Jezus dichterbij komt. Hij wandelt! Hij springt niet van golf naar golf. Hij snelt ook niet over het water naar Zijn discipelen. Nee, Hij wandelt. >In Jezus’ aankomst ligt ons behoud. Wandelen doen we als we ons op ons gemak voelen. Dan kijken we rustig om ons heen, genieten van de omgeving, we ontspannen ons. Jezus wandelt in Zijn schepping. Hij geniet van een storm die Hij geschapen heeft. Hij ontspant Zich te midden van de bruisende golven. Ze raken Hem niet. Integendeel! Hij staat erboven. Gods Zoon is soeverein. Hij onderwerpt alles aan Zijn voeten, ook het geweld van de baren, het gedruis van de wateren, de kolkende watermassa. Wat een les voor ons, bange mensen. Onze stormen zijn dus niet per se Zijn stormen. Wat ons tegenhoudt, hindert Jezus niet. Tegenover onze angst staat Zijn rust. Wie is als Gij, o Heere, o God der legerscharen?! Markus benadrukt dat Jezus voornemens is om Zijn discipelen voorbij te wandelen. Blijkbaar laat Hij hen achter. Waarom handelt Hij zo? Omdat Jezus Zijn discipelen dwong om naar de overkant te varen. Hoe en wanneer ze aan de overkant komen, ligt allemaal in Jezus’ hand. Dat ze aankomen staat vast, zo laat Hij zien wanneer Hij door een storm naar de overkant wandelt. In Zijn aankomst ligt ons behoud. Ook al moet Hij daarvoor het verwoestende geweld van dood en graf trotseren.