:::author_streamer 1::: Voordat een reis begint, moet er van alles geregeld worden, maar laat ik een eenvoudige vraag stellen: gaat u ook verzekerd op reis? Dan doel ik niet in de eerste plaats op een reisverzekering. Het gaat mij om de zekerheid dat het goed ligt tussen God en onze ziel. Dat we Christus kunnen ontmoeten wanneer wij Hem moeten ontmoeten, waar en wanneer dat ook zal zijn. Sommigen denken dat die zekerheid nauwelijks bereikbaar is. „Pas als we de Heere ontmoeten, zal blijken hoe het ligt.” Paulus spreekt anders. In de genoemde tekst zegt hij dat hij verzekerd is. Daar klinkt geen twijfel in door. Integendeel: hij weet dat niets hem kan scheiden van Gods liefde in Christus Jezus. Geen mens, geen engel, zelfs de dood niet. Dáár is Paulus zeker van. Niet van zijn eigen vastklampen, zijn eigen volharding. Nee, hij zegt dit als hij ziet op Gods liefde tot zondaren. Die liefde is onveranderlijk en blijvend. Ondanks al zijn gebreken, mitsen en maren. Kent u die zekerheid ook? Als uw levensreis plotseling eindigt, wat is dan uw bestemming? Paulus spreekt over „Christus Jezus, onze Heere.” Christus is voor hem niet alleen Zaligmaker, maar ook zijn Heere en Meester. Wie door het geloof met Hem verbonden is, mag weten dat Christus ook voor hem of haar de dood is ingegaan en het eeuwige leven heeft verdiend. Als Christus nog niet uw Heere is, dan is er óók zekerheid: een rampzalige. Laat die nood, laat die zorg u en jou dan uitdrijven tot Hem, die nog altijd zegt: „Ik ben het Brood des levens; die tot Mij komt, zal geenszins hongeren, en die in Mij gelooft, zal nimmermeer dorsten” (Joh. 6:35). Hij belooft het eeuwige leven. Vlucht toch tot Hem en vind in Hem die volkomen zaligheid én zekerheid. Opdat Paulus’ verzekering ook uw en jou zekerheid zou zijn. Dan kunt u met een gerust gemoed reizen. In de wetenschap en verwachting: „Niets zal ons kunnen scheiden van Gods liefde, welke is in Christus Jezus, onzen Heere.” _Ds. B.D. Bouman, Monster–’s-Gravenzande _