„Ik ben geen twintig meer.” Veertigers lopen er steeds vaker tegenaan: ze voelen zich sneller vermoeid, hebben soms dagenlang last van een lange avond en een korte nacht, en hebben simpelweg minder energie. Dat is niet alleen omdat ze ‘een dagje ouder’ worden, maar ook omdat kleine biologische veranderingen in hun lichaam hun tol gaan eisen. De spiermassa is sinds hun dertigste aan het afnemen: hoe minder spiermassa, hoe meer energie alles kost. De mitochondriën - de energiefabriekjes in de cel - gaan minder efficiënt werken. Veertigers slapen minder diep en rusten ’s nachts minder goed uit, doordat de hormonenspiegel in het bloed minder stabiel is. Het kan een periode zijn van een ontluikende midlifecrisis. Daarnaast hebben juist veertigers vaak veel verantwoordelijkheden op hun bordje. Hun brein wordt maximaal cognitief en emotioneel belast door mentale multitasking. Dat kost evenveel energie als lichamelijk werk. De lat ligt hoog, maar lichaam en geest laten het langzaamaan steeds meer afweten. Dat alles bij elkaar put mensen uit. Als ze geen gas terugnemen, ligt een burn-out daardoor op de loer.