Het was moeilijk, hard werken, en opnieuw opbouwen. De boot op en niet weten waar je terecht komt, barre omstandigheden en niet terug kunnen. Heimwee naar dat wat was. De emigranten en hun nazaten hebben hard gewerkt om te komen waar ze nu zijn. Wij zijn ook ‘eerste’ emigranten. Maar we wisten al wel waar we terecht zouden komen. We zijn gezegend met een warm huisje dat we via internet al konden regelen en hadden de zekerheid van een baan. We kunnen videobellen met onze familie. Zij kunnen hier komen. En toch. Ons verhaal is niet helemaal anders dan dat van de allereerste emigranten. Het is hard werken. Overuren maken om financieel rond te kunnen komen. Opnieuw opbouwen. We wonen bijna anderhalf jaar in Canada. Voor ons is dat een belangrijke mijlpaal waar ik naar uitkijk. De eerste achttien maanden ontvangen we hier geen kinderbijslag. We wonen en werken hier op Henry’s werkvergunning. We zijn dus nog geen permanente bewoners met de daarbij behorende voorrechten. Doordat we hier op Henry’s werkvergunning wonen, mag ik niet werken. Ongeacht of ik het nu wil of niet, voor nu is het strafbaar en kan het onze permanente verblijfsvergunning verhinderen. Dit wisten we toen we nog in Nederland woonden, en we hebben ons financieel op voorbereid. De praktijk is altijd wat weerbarstiger. Deze eerste anderhalf jaar zijn in dat opzicht niet altijd makkelijk geweest. En toch; ik had het niet willen missen. Het heeft ons dankbare lessen geleerd. De schoolkosten zijn hier hoog. Het is écht een offer. Maar onze kinderen krijgen Bijbelgetrouw onderwijs in een schoolsysteem waarin we zoveel meerwaarde zien. Het is het zo waard. :::author_streamer 1::: Het was op een moment ergens in de winter dat ik van het geld dat we nog hadden de meest bruikbare en basale boodschappen had gedaan. Producten waarvan ik wist dat ik daar verschillende voedende maaltijden en tussendoortjes van kon maken. We hadden nog een stukje maand over aan het einde van dat geld. Er waren zorgen en gebeden. Die zondag vonden we in ons kerkpostvakje een envelopje met een boodschappenkaart en een tankpas. Geen idee van wie; maar onze gebeden werden verhoord. Het bleef niet bij die ene keer. Op verschillende manieren werden we geholpen in dat wat we nodig hadden, vaak zonder dat de gever het wist. Ik heb me zó verwonderd over Gods goedheid in al deze dingen. Dit zouden we gemist hebben als we dit avontuur nooit waren aangegaan. We proberen zo veel mogelijk zelf op te lossen. Maar de hulp die soms zo onverwacht komt, is welkom. Soms deel ik er weleens wat over met mensen dicht om ons heen die vragen hoe het gaat. We krijgen nog geen ‘_child benefits_’. Het is hard werken. Maar we hebben het goed. We zijn zo dankbaar voor wat we wél hebben! En we hebben het vooruitzicht dat er betere tijden komen. Afgelopen zondag werd in de kerk Psalm 103 gelezen: „Bless the Lord, oh my soul, and forget not all His _benefits…”_ Dan moeten de _benefits_ **** voor nu nog even wachten, maar Zijn weldaden zijn overvloedig geweest.