Snel loopt hij niet meer. Maar verder is hij in beste gezondheid. Anton Philips, nazaat van het beroemde Philipsgeslacht, kijkt helder uit zijn ogen en is vol belangstelling voor de wereld om hem heen. Echt gestopt met werken is hij nooit. In een ver verleden was hij manager bij Philips. Dat liet hij na twaalf jaar achter zich, om zijn eigen bedrijf voor loopbaancoaching op te zetten. „Laat ik het zo zeggen: ik ben op een gegeven moment wel minder actief geworden. Ik leidde tot 2017 nog een stichting om jonge mensen te helpen goede keuzes te maken als het ging om een vervolgopleiding of een baan. Daar ben ik op mijn 85e mee gestopt. Het werd te veel verantwoordelijkheid.” ## _Hoe kwam u op het spoor van relatietherapie?_ „Dat was al eerder in mijn leven. Mijn eerste huwelijk is gestrand, waarna ik ben hertrouwd. Met mijn tweede vrouw heb ik het boek van de beroemde Amerikaanse relatietherapeuten Harville Hendrix en Helen LaKelly Hunt gelezen, over het verbeteren van je relatie. Ik kreeg mijn vrouw zover om samen naar een workshop hierover te gaan. Die heeft veel voor ons betekend. Jaren later, toen mijn vrouw al was overleden, zocht ik het boek opnieuw op, omdat ik het iemand cadeau wilde doen. Ik ontdekte dat er in Nederland juist voor het eerst een opleiding gegeven ging worden over deze zo genoemde Imagorelatietherapie. Dat sloeg enorm bij mij aan. Want als ik hiermee andere mensen kan helpen, doe ik dat graag. Dus ben ik daar in 2018 mee begonnen. De opleiding duurde drie lange weekenden van vier dagen. Daarna moest ik onder supervisie aan het werk gaan. Ik maakte video-opnames van mijn gesprekken met de stellen die ik begeleidde. Daar kreeg ik feedback op. Het jaar daarop, in 2019, ben ik gecertificeerd.” :::inline_image 1::: ## _Was u de oudste deelnemer aan de opleiding?_ Met een lach: „Ja. Maar het studeren ging goed. De hele benadering van Hendrix en Hunt past mij als een handschoen. Ze hebben respect voor mensen, willen hen helpen zich verder te ontwikkelen en het beste in henzelf naar boven te halen. Daar was ik eigenlijk mijn hele leven al mee bezig.” ## _Heeft u als relatietherapeut voordeel van uw leeftijd?_ „Volgens mij is het belangrijker dat je werkelijk empathie hebt met de mensen die voor je zitten, dan hoe oud je bent. Wel denk ik dat mijn klanten zelf soms het idee hebben dat een ouder persoon heel wijs zal zijn.” Hij lacht. „Ik hoop dat dat zo is. Ik kan natuurlijk uit mijn eigen ervaring putten als het gaat om relatie.” ## _Wat motiveert u om dit werk te doen?_ „Ik ben ervan overtuigd dat als mensen bij elkaar blijven, ze elkaar kunnen helpen om volledigere mensen te worden. De moeder van mijn kinderen heeft ooit een brief aan mijn moeder geschreven toen we uit elkaar gingen. Daarin stond dat zij en ik dachten dat we ons niet volledig zouden kunnen ontplooien als we bij elkaar bleven. Maar nu geloof ik dat we ons juist volledig hadden kunnen ontplooien als we bij elkaar waren gebleven.” ## _U bent 93. Kunt u zich op die leeftijd nog voldoende inleven in jonge stellen die hulp zoeken?_ „Het scheelt dat ik bij mijn oudste zoon heb gezien hoe druk het was in de periode dat hij en zijn vrouw jonge kinderen hadden. Dat was echt spitsuur. Vaak is het in die periode moeilijk om tijd voor elkaar te maken. Bovendien geeft de komst van kinderen extra spanning in een relatie, net zo goed als het verliezen van je baan, met pensioen gaan, kinderen die uit huis gaan, ziekte. Op zulke momenten kan een relatie onder druk komen te staan. Het is belangrijk dat je dan samen overal over kunt blijven praten, zonder elkaar verwijten te maken. Dat je leert om nul negativiteit in je relatie te hebben. En dan maakt het niet zo veel uit of een koppel al wat ouder is of nog vrij jong.” :::inline_image 2::: ## _Wordt het werken cognitief moeilijker als je op leeftijd bent?_ „Ik moet mijn aantekeningen er altijd bij halen als er een stel langskomt voor relatietherapie. Zo herinner ik me weer waar we het de vorige keer over hebben gehad. Ook mijn visuele geheugen is niet zo sterk. Daarom maak ik meestal een foto van de mensen met wie ik werk, zodat ik voor een afspraak kan kijken welk stel ik ook alweer voor me heb.” ## _Beent u ook alle digitale ontwikkelingen nog bij?_ „Soms loopt mijn computer vast. Dan kan ik hulp vragen aan de vrijwilliger die aan de stichting verbonden is. Maar de weinige momenten dat ik geneigd ben om te schelden, doen zich voor als mijn wachtwoord niet werkt.” >„Je moet leren luisteren om de ander te begrijpen, niet om te reageren” ## _Waar draait de relatietherapie die u geeft om?_ „Ik begin er altijd mee stellen te leren goed naar elkaar te luisteren. Als je allebei op je eigen eilandje zit, met je eigen standpunten, dan kom je niet nader tot elkaar. De ene partij moet de andere dan uitnodigen: „Ik wil ergens over praten, wil je komen luisteren?” Dan is het aan de luisteraar om alleen maar actief te luisteren en samen te vatten wat de ander heeft gezegd. Daarna ga je naar het eilandje van de ander en moet de eerste persoon luisteren. Dat luisteren is ontzettend moeilijk. Let maar op: meestal zit je te luisteren met in je achterhoofd een idee van wat je terug kunt zeggen. Maar je moet leren luisteren om de ander te begrijpen, niet om te reageren.” >„Het is mooi als er weer verbinding tussen echtparen ontstaat” ## _Hoeveel mensen begeleidt u nu?_ „Op dit moment vier stellen. Sommigen komen om de twee weken, anderen laten er wat meer tijd tussen zitten. Sommigen zijn enorm vastgelopen in hun huwelijk, anderen willen vooral een beter huwelijk. Ik heb een stel waarvan de ene partij vorige week al aangegeven heeft er voor 90 procent zeker van te zijn dat hij weg wil bij zijn vrouw. De enige reden waarom hij het nog een kans wil geven, is de kinderen. Nu gaat hij nadenken of hij zijn huwelijk nog de moeite waard vindt om voor te vechten.” Hij krijgt tranen in zijn ogen. „Als er weer verbinding tussen echtparen ontstaat, vind ik dat heel mooi om te zien. Dat mensen met hoop de deur uitgaan. Tegelijkertijd vraag ik me altijd af of ik het als therapeut wel goed heb gedaan. Heb ik me wel genoeg ingeleefd in waar ze mee bezig zijn?” >„Ik schiet weleens vol als ik cliënten aan tafel heb; maar dat vind ik niet erg” ## _Het ontroert u om hierover te praten. Waarom?_ „Soms raakt het me diep wat klanten zeggen. Zo had ik eens een stel waarbij ik de vrouw voorstelde om aan haar man te vragen wat hij op dat moment van haar nodig had om gelukkig te zijn. Hij schoot vol en zei: „Dat heeft nog nooit iemand aan me gevraagd.” Zoiets kan me weer raken als ik eraan terugdenk. Sowieso merk ik dat ik bij het ouder worden sneller diep geraakt ben dan vroeger. Ik schiet weleens vol als ik cliënten aan tafel heb. Maar dat vind ik niet erg.” Met een lach: „Een vriend van mij die veel huilde, zei altijd: „Ik ben gewoon dicht bij een waterval geboren.” :::inline_image 3::: ## _Wordt het u nooit te veel, nog werken op uw 93e?_ „Ik heb het werk vrij aardig in balans. Nog niet zo lang geleden heb ik een stichting opgericht onder de naam Gelukkige relaties. Ik merkte dat er daarmee te veel op mijn bordje kwam. Daarom heb ik een vrijwilliger gezocht die mijn kan helpen met het werk voor de stichting. Zij assisteert me nu. Dat soort cadeautjes maakt van mij een gezegend mens.” Hij slikt opnieuw zijn ontroering weg. >„Elke morgen bid ik voor de stellen die het moeilijk hebben in hun relatie” ## _Gelooft u in God?_ „Ik ben opgegroeid met het geloof in een persoonlijke God. In de loop van de tijd ben ik anders tegen het geloof aan gaan kijken dan mijn ouders. Maar ik bid nog elke morgen. Voor de stellen die het moeilijk hebben in hun relatie, voor hun kinderen. Ook bid ik voor de mensen om me heen, voor mijn eigen kinderen en kleinkinderen, en voor de leiders van een aantal landen waar het moeilijk is.” Met vochtige ogen: „Ik geloof dat als er maar genoeg mensen zijn die bidden voor deze leiders, dat dit effect kan hebben. Dat mensen dan open kunnen gaan staan voor inspiratie van Boven.” ## _Hoe lang wilt u nog doorgaan met werken?_ „Liefst zo lang mogelijk. Het geeft mij voldoening. Ik wil graag zo lang ik gezond ben een bijdrage leveren aan de maatschappij. Zonder werk zou mijn leven leeg zijn. Andere negentigers hebben daar niet zo veel behoefte meer aan. Ze vinden het voldoende om grootvader te zijn of dragen bij aan de plaatselijke Rotary of aan de kerk. Maar dat is bij mij anders. Ik heb drie kleinkinderen. Twee van hen zijn al volwassen. De jongste is acht, maar woont in Zuid-Afrika. Dus daar hoef ik ook niet op te passen.” :::inline_image 4::: ## _U bent elke dag nog vol energie?_ „Nee, natuurlijk ben ik af en toe ook echt moe. Maar over het algemeen vind ik het juist fijn om op zo’n dag afspraken te hebben staan. Want is mijn dag leeg, dan ben ik geneigd om meer aandacht te besteden aan het feit dat ik moe ben. Om de moeheid tegen te gaan, probeer ik elke dag een powernap van een halfuurtje te nemen. Soms tussen de middag, een andere keer aan het eind van de dag. Dat helpt mij om het vol te houden. Wat mij, denk ik, ook helpt om gezond te blijven, zijn de rek- en strekoefeningen die ik elke morgen een halfuur lang doe. En ik probeer iedere dag tien minuten te wandelen. Verder slaap ik acht uur per nacht en neem ik de nodige voedingssupplementen in. Twee jaar geleden heb ik een longontsteking gehad. Die gaf mij een terugval in mijn energie. Maar met medische hulp ben ik daar gelukkig goed doorheen gekomen.” > „Mijn vader is honderd geworden, dus wie weet heb ik nog even” ## _Hoe ziet u de toekomst?_ „Ik blijf doorgaan zolang ik energie heb en mijn verstand goed genoeg werkt. Mijn vader is honderd geworden, dus wie weet heb ik nog even. Dat ik werk, helpt mij ook om fit te blijven. Een doel in je leven hebben, is heel belangrijk. In het Engels zeggen ze: ”If you don’t use it, you loose it”. Als je het niet gebruikt, raak je het kwijt. Dat geldt denk ik zowel voor je fysieke als voor je mentale gezondheid. Daarbij moet je natuurlijk ook naar je lijf blijven luisteren. Vandaar ook dat ik niet meer te veel verantwoordelijkheden op me wil nemen. >„Als je blij wilt zijn, moet je dingen doen waar je blij van wordt” Verder kun je alleen maar zo lang doorgaan als je je werk leuk genoeg vindt om te blijven doen. Toen ik jonger was, heb ik bij Philips gewerkt als manager. Maar het werk dat ik deed paste niet bij mijn intrinsieke motivatie en gaf daardoor geen voldoening. Als je blij wilt zijn, moet je dingen gaan doen waar je blij van wordt. Ik vind het niet moeilijk dat de dood eraan zit te komen. Ik heb als kind een keer gedroomd dat ik door een gat in de wolken wegvloog. Die droom is me altijd bijgebleven en geeft me rust. Wel hoop ik dat ik niet veel te lijden krijg. Ik geloof dat we hierna als ziel doorleven. Hoe dat is, weet ik niet. Op mijn vaders bedankkaart na zijn overlijden stond: „Ik stel me de hemel voor als plaats van intense spirituele activiteit.” Ontroerd: „Dat vind ik mooi.” Of we daar ook God ontmoeten? Dat kan ik me best voorstellen. Ik zou dat mooi vinden. Het lijkt me fantastisch om Zijn onvoorwaardelijke liefde te ervaren.” _Dit is deel 1 in een serie over actieve negentigers. Volgende week deel 2._