Als je eens flink wilt uitpakken met het dessert, dan zijn deze appelbloemen een goed idee. Ze zijn totaal niet moeilijk om te maken en je kunt ze eventueel heel goed een paar uur (of een dag) van tevoren maken. Als je ze van tevoren maakt, let er dan op dat je ze zó bewaart dat de bloemen knapperig blijven. Dat gaat het beste door ze eerst op een rooster helemaal af te laten koelen. Daarna kun je ze op een bord op kamertemperatuur bewaren tot gebruik. Verpak ze vooral niet in plastic en doe ze ook niet in een afgesloten trommel. Eenmaal afgekoeld kun je de bloemen zelfs in de vriezer bewaren. Dat is handig als je er in één keer veel tegelijk wilt bakken. Het is dan wel erg lekker om de bloemen voor het serveren even op te piepen in een hete oven. ## Ingrediënten - flinke appels, bijvoorbeeld Elstar of Jonagold - 1 rol bladerdeeg (uit het koelvak) - scheutje melk - kaneelsuiker - bigarreaux (geconfijte kersen) of jam - blaadjes munt :::author_streamer 1::: ## Bereiding - Schil de appels, boor de klokhuizen er royaal uit en snijd ze in plakken van ongeveer 1,5 centimeter. Elke appelplak wordt een bloem, dus snijd net zo veel plakken als dat je bloemen wilt maken. - Leg het koelverse bladerdeeg op je werkblad. Snijd in de lengte van het deeg stroken van 2 centimeter breed. Snijd voor elke appelplak één strook. - Verwarm de oven voor op 200 graden. - Omwikkel de appelplakken met een strook bladerdeeg. Je maakt ongeveer vijf ‘lussen’ per appelschijf. - Kwast één kant van de bloemen in met melk en doop die kant in de kaneelsuiker. - Leg de bloemen op een met bakpapier beklede bakplaat, met de suikerkant naar boven. - Leg in het midden van de bloemen een bigarreau (geconfijte kers). Heb je die niet in huis, dan kun je eventueel ook een lepel jam gebruiken. - Bak de bloemen in het midden van de oven gedurende 30 minuten. - Serveer ze warm of koud. Versier ze met blaadjes munt en geef er eventueel vla, slagroom of ijs bij.